Back to top

Hoofdaltaar, altaar

Titel Hoofdaltaar
Objectnaam altaar
Objectnummer PWV.0703.0168
Beschrijving Altaartrede met afgeschuinde hoeken met zwart marmeren boord. Binnen het vlak een patroon van tegels, waarover een wijnrood tapijt. Op de trede het eigenlijk altaar. Op de basis acht vrijstaande pijlers geplaatst op de hoeken, alles in zwart marmer. Ertussen een zandstenen blokvormig element, versierd aan de voorzijde met een middenrisaliet. In dit uitspringend deel een gesculpteerd chiro-kruis geflankeerd door twee bloemblaadjes. Dit geheel zit gevat in een medaillon geplaatst op de kruising van de kruisarmen. De kruisarmen zijn versierd met een voluut. In de diepere gelegen vlakken, links en rechts van het centraal thema, volgende versieringen in een achthoek: de ark des verbonds (links), en het offerlam (rechts). Deze drie hoogreliëfs zijn gepolychromeerd. Het uitkragend altaarblad is eveneens in zwart marmer. Op het blad vijf kruisjes en de altaarsteen. Dieper op het blad een zwartmarmeren kaarsenbank, in het midden doorbroken door het tabernakel. Op de kaarsenbank links volgende tekst in koperen opliggende letters: "+ ECCE PANISANGELORUM" en rechts "FACTUS CIBUSVIATORUM". Eveneens op de kaarsenbank een opstaande wand in witsteen. Beide helften zijn onderverdeeld in drie verdiepte gepolychromeerde vlakken van elkaar gescheiden door pilasters. De drie vlakken links worden versierd door korenaren, de letter alpha, en druiventrossen. De drie vlakken rechts zijn versierd met druiventrossen, de letter omega, en korenaren. Het geheel draagt een uitspringend en geprofileerd tablet waarop de altaarkandelaars prijken (0703.0171). De kaarsenbank wordt in het midden doorbroken door een roodmarmeren tabernakel. De deurtjes van het tabernakel zijn in gedreven koper en stellen elk een staande engel in gebedshouding voor. Ze staan frontaal en prijken midden een korenveld. Boven de deurtjes een koperen staaf voor het tabernakelgordijn met daarboven op het fronton een koperen buste van een biddende engel frontaal weergegeven. Het tabernakel wordt bekroond door een ciborium, bestaande uit een open koperen constructie. De vier pijlers schragen een zadeldakvormig bovenstuk met tongewelf. Als versiering een medaillon, waarin het IHS-monogram, geflankeerd door voluten. Onder het ciborium staat een koperen altaarkruis. Dit bestaat uit een koepelvormige voet, rustend op drie voluutvormige pootjes. De voet gaat over in een gegroefde nodus, waarop het eigenlijke kruis. De kruisarmen zijn met elkaar verbonden door een opengewerkte nimbus. Aan het kruis een plastisch uitgevoerde corpus met erboven het in het kruis uitgespaarde INRI-opschrift.
Type Objecten
Datering 1934 - 1934
Details Open beschrijving op
 
Collectie: Assebroek, Sint-Katarinakerk

Reacties

Er zijn nog geen reacties op dit item

Plaats een reactie

Velden met een zijn verplichte velden.

Voornaam en naam
E-mailadres

We vragen je e-mailadres om je een antwoord te kunnen bezorgen.

Onderwerp
Bericht